2 minuten leestijd

Ja of nee?

Een arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd tussentijds opzeggen kan alleen als er een zogeheten tussentijds opzeggingsbeding in de arbeidsovereenkomst is opgenomen. In de praktijk zien wij nogal eens dat een dergelijk tussentijds opzeggingsbeding ontbreekt.

Dat heeft onder meer tot gevolg dat de werknemer geen recht heeft op een WW-uitkering als er toch tussentijds opgezegd zou worden.

In een recente uitspraak heeft de Rechtbank Amsterdam (afdeling Bestuursrecht), kort samengevat, geoordeeld dat partijen ook na het sluiten van de arbeidsovereenkomst alsnog, in deze kwestie in een vaststellingsovereenkomst (een beëindigingsovereenkomst), een tussentijds opzeggingsbeding kunnen overeenkomen. Partijen hebben immers, zo oordeelde de Rechtbank Amsterdam, contractsvrijheid en kunnen dus gezamenlijk besluiten om bepaalde afspraken, waaronder de mogelijkheid tussentijds op te zeggen, te wijzigen.

Anders gesteld, het ontbreken van een tussentijds opzeggingsbeding kan dus later nog gerepareerd worden als werkgever en werknemer dat gezamenlijk overeenkomen. Of de werknemer dan een zogeheten benadelingshandeling (meewerken aan een ontslag zonder dat dit echt nodig is) pleegt, wordt uit deze uitspraak niet duidelijk.

In dit concrete geval had dat tot gevolg dat het UWV (op grond van het bepaalde in artikel 19 lid 4 WW) ten onrechte zich op het standpunt had gesteld dat de werknemer vanwege het feit dat er in de arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd geen tussentijds opzeggingsbeding was opgenomen geen recht op een WW-uitkering zou hebben.

Of in dit geval één zwaluw zomer maakt, zal de toekomst moeten uitwijzen.

Vrijblijvend van gedachten wisselen? Bel Myrthe S.J. Steenhuis (06-13371930) of een van de andere leden van ons arbeidsrechtteam.