1 minuten leestijd

We hebben de afgelopen periode veel geschreven over de Wet Bestuur en Toezicht Rechtspersonen (WBTR). Een belangrijk arbeidsrechtelijk gevolg van deze wet, die per 1 juli 2021 in werking zal treden, is te vinden in wetsartikel 2:298a BW dat straks bepaalt: “Een veroordeling tot herstel van de arbeidsovereenkomst tussen de stichting en de bestuurder kan door de rechter niet worden uitgesproken.” Vanaf 1 juli a.s. geldt dus voor de bestuurder van een stichting die tevens werknemer is de zgn. ‘preventieve ontslagtoets’ niet meer. De arbeidsovereenkomst van een stichtingsbestuurder kan dus straks worden beëindigd zonder voorafgaande toestemming van UWV of rechter.

Deze regel geldt al voor bestuurders van andere rechtspersonen, zoals de NV en de BV. De gedachte achter deze wijziging is het onderkende belang dat de stichting bestuurd dient te worden door personen die het vertrouwen genieten van het orgaan dat voor de samenstelling van het bestuur verantwoordelijk is. Als dat vertrouwen wegvalt, moet het mogelijk zijn zowel het ontslag als bestuurder als het arbeidsrechtelijke ontslag te realiseren.

Vraagt u zich af wat dit voor uw positie als bestuurder of voor de positie van de bestuurder van uw stichting betekent? Neem contact op met Carolien Brederije via mail c.brederije@valegis.com of telefoon +31 (0)70 319 60 40.

Leave a Reply

This site is protected by reCAPTCHA and the Google Privacy Policy and Terms of Service apply.