Het is inmiddels breed bekend dat ambtenaren dezelfde rechtspositie zullen krijgen als gewone werknemers. De wet normalisering rechtspositie ambtenaren gaat daarvoor zorgen. Het is de bedoeling (zo blijkt uit een brief van Minister Plasterk van 20 januari jl. aan de Tweede Kamer) dat de wet in werking gaat treden per 1 januari 2020. Wat betekent deze wet nu concreet voor overheidswerkgevers die zich willen voorbereiden en voor de ambtenaren die het aangaat?

Moeten er nieuwe arbeidsovereenkomsten komen voor al het personeel?
De ambtelijke aanstelling van ambtenaren komt eenzijdig tot stand, terwijl de arbeidsovereenkomst van gewone werknemers tot stand komt op basis van wilsovereenstemming tussen partijen. Dit is een wezenlijk verschil. Ook voor ambtenaren gaat gelden dat zij op basis van een arbeidsovereenkomst werkzaam zullen zijn. Gelukkig hoeven overheidswerkgevers niet met alle zittende ambtenaren met ingang van de wet nieuwe arbeidsovereenkomsten aan te gaan, omdat de wet regelt dat op het tijdstip van de overgang de aanstelling van rechtswege wordt omgezet in een arbeidsovereenkomst. Voor nieuwe medewerkers zal echter wel een arbeidsovereenkomst opgesteld moeten worden.

Gaat de ambtenaar er in arbeidsvoorwaarden op achteruit?
In materiële zin blijft (in ieder geval in eerste instantie) alles hetzelfde voor de genormaliseerde ambtenaar. Van de arbeidsovereenkomst maken deel uit de op het tijdstip van overgang bestaande beslissingen, afspraken en toezeggingen inzake arbeidsvoorwaarden, waaronder in ieder geval begrepen: de duur van het dienstverband, bezoldiging, werktijden, rooster, verlof, faciliteiten voor de uitoefening van de functie en studiefaciliteiten. Met ingang van de datum dat de wet wordt ingevoerd moeten de arbeidsvoorwaarden geregeld zijn in een Cao. Het resultaat van Cao-onderhandelingen kan zijn dat arbeidsvoorwaarden later alsnog in negatieve zin wijzigen.

Wat gaat er voor ambtenaren merkbaar veranderen?
Er gaat ander procesrecht en ander ontslagrecht gelden. In het huidige ambtenarenrecht moet een ambtenaar tegen een besluit ageren middels bezwaar en daarna (hoger) beroep bij de bestuursrechter. In het arbeids(proces)recht, dat van toepassing wordt op ambtenaren, bestaat er geen besluitbegrip en (meestal) ook geen bestuurlijke voorfase. Er is wel een preventieve ontslagtoets door de Kantonrechter of UWV. Zowel ambtenaren als hun werkgevers zullen dus kennis moeten opdoen van het arbeids(proces)recht.

Hoe kunnen overheidswerkgevers zich voorbereiden op de normalisering?   
Overheidswerkgevers moeten hun personeelsmedewerkers en leidinggevenden scholen in het arbeidsrecht.  Alle bestaande regels die betrekking hebben op de rechtspositie van ambtenaren moeten worden omgezet in een Cao. Er moeten dus privaatrechtelijke cao’s afgesloten worden en mogelijk zullen er werkgeversverenigingen opgericht moeten worden. Inhoudelijke Cao-vraagstukken zullen geregeld moeten gaan worden, zoals de wijze van cao-overleg, de vervanging van de huidige overlegprotocollen, de omgang met geschillen/bezwarencommissies en de verschillen in rechtspositieregelingen en Burgerlijk Wetboek. Tot slot zullen individuele afspraken met ambtenaren geïnventariseerd moeten worden. Hierbij zullen ondernemingsraden een rol kunnen spelen.

Kortom: er is werk aan de winkel voor overheidswerkgevers, voor ondernemingsraden en voor organisaties van overheidspersoneel. 2020 lijkt nog ver weg maar wacht niet te lang!

Valegis Advocaten kan u helpen met alle transitievraagstukken. Ook kunnen wij (in house) cursussen, zoals een workshop inleiding arbeidsrecht en CAO-recht en cursussen normalisering rechtspositie ambtenaren voor u verzorgen. Neemt u voor een advies op maat gerust contact op met Fleur van Bree (070-3196042) f.vanbree@valegis.com